Doorgaan naar hoofdcontent

Posts

Aardig kennismakinkje met het werk van de Tsjechische bestsellerauteur Michal Viewegh...

De Tsjechische schrijver Michal Viewegh (1962), wiens huwelijk goed was voor een plek in de landelijke tabloids, is zo’n auteur waarmee de verzamelde Tsjechische literaire kritiek zich geen raad weet. Hoewel de meeste van zijn boeken onder meer door geraffineerde marketingcampagnes een patent hebben op het merk ‘bestseller’ (en daarom snel de weg vinden naar de schrijftafels van buitenlandse vertalers), is er met het werk van Viewegh nog iets anders aan de hand. In de meeste van zijn toegankelijk geschreven boeken heeft de man het immers met sympathie over de grote, zwijgende massa die zich tijdens de ‘normalisering’, kort voor en na de Tsjechoslowaakse Fluwelen Revolutie van 1989, weinig afzette tegen het totalitaire regime. Hierdoor wordt Viewegh door critici steevast omschreven als iemand die "een weinig vrolijke tijd met een vrolijke blik beschouwt." In de wetenschap dat de maatschappelijke gebeurtenissen in het Tsjechoslowakije van de jaren tachtig, naast veertig jaar ...

"Daar ligt misschien wel het grote kwaad door vele romans gesticht: zij doen buiten de werkelijkheid leven."

Zo ging dat in 1949 vol goede bedoelingen bij de Leuvense professor Janssen. Vervolgens werd Stichting Lezen uit de grond gestampt en Janssens waarschuwing tot vervelens toe hét adagium om mensen achter een boek te krijgen. Nee, geef mij dan maar het voornemen van de professor. Met zijn onverbloemde spelregels weet een mens zich nagenoeg zeker voor te stellen wat dat zogeheten 'leven in een andere werkelijkheid' precies te betekenen heeft. Kan niet! Toch? Professor Janssen maakt onze 'leesstaat' in zijn geschrift ondubbelzinnig overschouwbaar. Aan de hand van een eenvoudige, beredeneerde classificatie schakelt deze Brabantse geleerde Russische romans gelijk met werelden waarin God, boosheid, deugd en duivels strijden om de mensenziel. Terwijl de Fransen worden geprezen om hun vurig maar gerationaliseerd, oratorisch vermogen staan Noorse bedachte verhalen dan weer boordevol wild natuurschoon en stoere avontuurlijkheid. Dankzij Janssens voorbereidende studiewerk lig...

Tussen het 'Beest van Visegrad' en dat van het Zwarte Woud gaapt voor Nicol Ljubic slechts één boek...

"Er is iets dat sterker is dan liefde, en dat is de herinnering aan wat is gebeurd," vertolkt een van Roberts vrienden op de vraag of hij zichzelf ooit in staat acht een Servische vrouw lief te hebben. Meteen is ook de hoofdtoon van Zeezwijgen (2011) aangegeven, de tweede roman van de Duits-Kroatische Nicol Ljubic. In deze geschiedenis onderzoekt de schrijver op omzichtige wijze waartoe de liefde tussen twee jonge mensen in de nasleep van de bloedige Joegoslaviëoorlog in staat is. Robert, een geschiedkundige met Kroatische roots die zijn dagen slijt met het schrijven van een proefschrift, weet op een avond aan de klauwen van 'King Lear' te ontsnappen. Op die manier belandt hij in de armen van de aan de theatervestiaire dienstdoende, zwijgzame Ana. Opgegroeid in het Servische dorpje Visegrad is zij, kort voor hun ontmoeting, met een studiebeurs in de Duitse hoofdstad beland. Hoewel Robert in eerste instantie Ana's geslotenheid over haar verleden betreurt en ...

Wikipedia genuanceerd: "Van beroep was Rutger Kopland psychiater, maar bij een groter publiek is hij bekend als dichter."

"Als ik even, nogmaals, de samenvatting mag geven / want anders komen we natuurlijk niet verder." Zo stelt de Nederlandse dichter Rutger Kopland het humorvol laatdunkend in zijn achtentwintigste gedacht, op de achterkant bij de derde druk van zijn bundel 'Een lege plek om te blijven'. Uiterlijk en innerlijk van Koplands denken (heel kort door de bocht): Romeinse cijfers, beknopte en soms iets langere verzen, meestal aangenaam en vaak tot bloedens toe relevant ... IX Er is geen ellende meer onder de mensen, bier en gelach tot diep in de nacht.  Verdriet is voor tragische helden, zodoende. Nee, er is zeer veel geluk tegenwoordig, vergeten zijn de zieke klassieken, de geheime idylles van Hermans, Lermontov, Celine. 'Wij hadden vrienden die ons verrieden, wij hadden minnaars die ons haatten, wij hebben een koud vuur in ons lichaam'. Zo eenvoudig is het: uit de nacht komt niemand terug. Onze dromen zullen wijken voor de feite...

Al is de realiteit nog zo snel, de literatuur achterhaalt ze wel...

... en zo is het precies alsof het de meelijwekkende Theodor Lohse zelf was die, bij verzonnen clementie van de grote Joseph Roth, afgelopen 15 april de gedachten van een van de gedesillusioneerde Bostonkids besmeurde. In 1923(!) reeds vertrouwde Roth immers zijn man zonder eigenschappen als volgt aan zijn bijzonder visionaire feuilletonpapier toe: "Hij, die elk ogenblik verschrikkelijk vond, enkel omdat het nieuw was geweest, die het komende had gevreesd en het blijvende gekoesterd, hij spiegelde zich vermetele onmogelijkheden voor en verwachtte avonturen bij elke stap die hij zette. Hij was gewapend." Uit: Roth, J., Het spinnenweb, 2004, Amsterdam/Antwerpen, Atlas, p. 36

Theodor Lohse hield van ruime moederlijkheid en doorgedreven meisjesopdelingen...

Zelfs het begin van de lente wordt bij een wereldschrijver als Joseph Roth van de orde van een verrukkelijke zintuiglijkheid: van schrale paardenmest tot volumineuze moederborsten. Met daar dan tussenin, de hoofdpersoon: "Het was een heldere aprilavond, de meisjes hadden luchtige kleren en pronte borsten. De ramen van een hele gevelrij stonden open. Tjilpende mussen hipten tussen gele paardenvijgen.(...) De wereld werd ongetwijfeld weer jong. De laatste zonnestralen trilden in modderplasjes. De meisjes glimlachten en leken erg toeschietelijk. Er waren blonde, bruine en zwarte. Maar dat was een oppervlakkige indeling. Meisjes met brede heupen zijn bij Theodor favoriet. Hij houdt ervan toevlucht en een thuis in een vrouw te vinden. Hij wil na de liefdesdaad moederlijkheid, ruime, brede, goede moederlijkheid. Hij wil zijn hoofd tussen grote, goede borsten vlijen." Uit: Roth, J., Het spinnenweb, 2004, Amsterdam/Antwerpen, Atlas, p. 20-21

Knotsgekke, bloeddorstige interneringstrip over de precaire vluchtigheid van het begrip (on)toerekeningsvatbaarheid...

In Zendingsdrang komt oorlogscorrespondent Remco de Heer in een psychiatrische observatiekliniek terecht. Aanleiding is een gewelddadige tussenkomst in een kroeg waarbij de reizende reporter, ook wel Deo geheten en daarom door een van zijn devote medegeïnterneerden een goddelijke status aangemeten, een aantal collega’s met een gebroken glas verwondde. Als dader van dit ernstig geweldmisdrijf, in Deo’s bagage wordt zelfs een afgesneden vingerkootje in een flesje gevonden, wordt hij door gedragsdeskundigen onderzocht. Zij dienen zijn toerekeningsvatbaarheid en de kans op recidive te onderzoeken. De superintelligente Deo wordt in de kliniek aan een reeks eindeloze gesprekken onderworpen en op vraag van zijn psycholoog Eugène - what’s in a name - Hauptfleisch stelt hij zijn verleden als oorlogsverslaggever te boek. Onze geconstipeerde observandus doet deze even prachtige als gruwelijke verschrikkingen telkens vanuit het standpunt van de overleden geweldplegers in kwestie uit de doeken. I...