Doorgaan naar hoofdcontent

Posts

Er worden posts getoond met het label Gent

Bavo Dhooges vaderboek 'Sr.' is het resultaat van een knap geconstrueerde zelfconfrontatie!

"Waarom vond ik het toch soms zo moeilijk om mijn eigen emoties te lezen? Doorgaans weet ik niets. Ik weet niet of ik in de stad of in de natuur wil wonen, ik weet niet of ik alleen maar wil schrijven of alleen maar niet wil schrijven." Bij de Gentse schrijver Bavo Dhooge , die vooral bekendheid verwierf met zijn thrillers, begon in 2016 de schrijfmotor plots te sputteren. In dat jaar ging hij voor het eerst tegen een muur van een writer's block aan zitten kijken. Niet verwonderlijk: aan een ritme van gemiddeld zes titels per jaar stond de teller van de nv Dhooge, na een schrijfcarrière van ongeveer 18 jaar, al op honderd. Van science fiction tot jeugdboeken en van filmscenario's tot westerns, voor niks draaide hij zijn hand om. De vraag of Dhooge van plan was de rest van zijn verdere leven in zijn Gentse appartement genreliteratuur uit te spugen, noopte tot een heruitvinding van de schrijver. Bovendien deed een pijnlijke relatiebreuk met Marilou, de vrouw van zijn e...

Goran Djurovic, snedige notulist van onze existentiële lusteloosheid...

Na een opvallende passage in het Gentse Museum Dr. Guislain in 2009 bood het Caermersklooster , het Oost-Vlaamse Provinciaal Cultuurcentrum, afgelopen zomer met 'Prime Time' onderdak aan een resem recente werken van de in 1952 in Belgrado geboren kunstenaar Goran Djurovic . Na een opleiding schilderkunst aan de Hochschule für Bildende Künste Dresden in de jaren zeventig trok de man naar Berlijn waar hij tegenwoordig nog steeds woont en werkt. Gevraagd naar zijn grootste inspiratiebronnen heeft Djurovic het over de controversiële 'Scene Paintings' van de Servische schilder en filmregisseur Mica Popovic (1923-1996), de donkere melancholische films van landgenoot Zivojin Pavlovic (1933-1998) en de bijzondere aandacht van de Russische schrijver Fjodor Dostojevski (1821-1881) voor het falen en het lijden van de mens in veel van zijn verhalen: "In ben geïnteresseerd in het gemis, de mislukking. We zijn allemaal verliezers, maar behalve droefenis zit er veel schoonheid...

Waarom zitten er altijd van die witte klodders in vogelkak en andere hardnekkige mythes over sekseverschillen...

Het zouteloze gejammer over de weinig beleden esthetiek van de blote vrouwenvoet, de ver gezochte ergernis aan het gering aantal vrouwen dat wel opgewonden geraakt van "het laatste bastion van puur mannelijke geilzucht" dat in de volwaardige videotheek harde porno wordt genoemd, de ordinaire hartstocht voor de zeemzoete vrouwenstem van het 'Geile Praat Systeem' waarmee tegenwoordig nagenoeg alle wagens zijn uitgerust en het platgetreden pad van het griezelige gevaar dat schuilt in het geven van goed bedoelde complimenten aan voor dubbelzinnigheden gevoelige dames. De voorspelbaarheid van de van verveling rammelende, wekelijks neergepende wedervaardigheden van een welopgevoede, hoger opgeleide tienervader/huisman/journalist wil wel eens schadelijk zijn voor het leesplezier van de nietsvermoedende lezer.   In de periode tussen 2008 en 2011 verschenen in het weekendmagazine van 'De Standaard' tal van de hand van Tom Heremans gedane observaties, vergezeld...

Jaloezie tijdens een schrijfstuk...

“Waarom ben ik een armoedzaaier en vele, héél vele andere mannen niet? Ik werk me te pletter, dag en nacht zit ik aan m’n schrijftafel van 'Ikea' die twintig jaar oud is, ik ram het ene meesterwerk na het andere uit m’n computer die vijftien jaar oud is, en ik verdien met al die arbeid het zout op m’n patatten niet, terwijl zo’n Terrin, die maar om het decennium een halfgaar romannetje in elkaar flanst, zomaar 50.000 euro in de schoot geworpen krijgt. Met z’n janettenbrilletje en z’n pretentieuze kop. Op de koop toe heeft hij een vrouw en ik niet. Praktisch iedere vent heeft een vrouw en ik niet. Dat ik daardoor jaloers ben op praktisch iedere vent, dat neem ik hun vrouwen nog meer kwalijk dan die venten zelf.” Dat komt ervan als een voltallige AKO-jury de tijdens een verdrinking watervrezende Brusselmans begin september enkel tipte en naliet om 'Het Heilige Haar' een aantal weken daarna ook te toppen. De verzamelde redactie van de 'De Standaard Weekblad...

Ludo Stynen schrijft uitvoerige biografie over Vlaanderens grootste taalminnaar...

"Onze joeffrouwen zal-men nooit met eenen vlaemschen kerkboek zien: en gebeurde dit, het schaemrood zou haest daer zyn." Op die manier verwoordde de progressieve advocaat Jan-Baptist Verlooy, die in het revolutiejaar 1789 met collega-pleiter Jan Frans Vonck aan de basis lag van een gewapende opstand tegen de Oostenrijkers, in zijn Verhandeling op d’onacht der moederlyke tael in de Nederlanden de minachting voor de Vlaamse volkstaal in wat toen nog België moest worden. Terwijl in de Oostenrijkse Nederlanden de Vlaamse volkstaal en het Frans op alle niveaus door elkaar werden gebruikt, was het in Brussel not done zich in het Nederlands verstaanbaar te maken. Om de ondergeschikte situatie van het Nederlands dat men in die tijd in het Zuiden sprak te benadrukken, illustreerde Verlooy zijn verhandeling met talloze dagelijkse voorbeelden waarin deze achterstelling tot uitdrukking moest komen en besloot hij: "Wy zullen ’t Frans verlaten en de Nederduytsche tael haer’ eer en a...

Vlaamse voormannen: ze zouden beter moeten luisteren…

"Willems lichaemsgroote overtrof verre de middelmaet: hy was kloek van bouw, en de afmattendste werkzaemheden van welken aerd ook, schenen vroeger geen merkbaren invloed op zyne voornaemste geest- en lichaemsverrigtingen te hebben; - niets vermoeidde hem: daer droeg hy roem op. Van jongs af had hy zich aen ’t huiszittend leven gewend: dagen aen dagen, en weken aen weken bleef hy in zyn huis opgesloten, zyn tyd verdeelende tusschen studeeren, opstellen en afschrijven; ter nauwer nood gunde hy zich zelf den tyd dagelyks eens de straten te overloopen om vrye lucht te scheppen en de zware spysverteering te bevorderen. Langsamerhand nogtans werd de verdouwing moeijelyker, en de zoo lang aengeradene lichaemsbewegingen werden ernstig in overdenking genomen." Aldus dokter Ferdinand Augustijn Snellaert over de levensgevaarlijke levensstijl van zijn goede vriend Jan Frans Willems . Op drieënvijftigjarige leeftijd reeds liet deze Vlaams(taal)strijdende voorman zich door een beroe...

Cahier vol lezenswaardige reflecties over collectiebeheer in en rondom Vlaanderen...

Dit cahier ontstond als uitloper van een tweede lezingenreeks in 2011 rond collecties. Aankoopverantwoordelijken en collectievormers van Vlaamse, Waalse, federale en buitenlandse erfgoedinstellingen namen toen maandelijks het woord rond een specifiek thema dat aanleunde bij behoud, beheer, presentatie, onderzoek en documentatie van hun collecties. Een jaar daarvoor kwamen, in een gelijkaardige reeks voordrachten, de beleidsmakers van de Vlaamse kunstmusea voor hedendaagse en oude kunst aan bod. Ook hun visies werden toen aan het papier van een cahier toevertrouwd. Voor de huidige editie waren er bovendien sprekers die buiten het onderzoeksgebied van de kunst gezocht moesten worden. Zo was er in het voorjaar van 2011 een themalezing rond oorlogserfgoed en stonden later dat jaar niet-Europese collecties, onder meer die van het Tervuurse Koninklijk Museum voor Midden-Afrika (KMMA) en van het gloednieuwe Antwerpse Museum aan de Stroom (MAS), centraal. Verder gaven Ann Diels, conservator...

Of de film bijna even goed is als de wetenschappelijke splijtbom zal nog moeten blijken...

"Op momenten van existentiële spanning vindt hij mentale rust in de kappersstoel."(*) Op die manier en aan de hand van de fixaties van protagonist Govert Miereveld uit het wonderbaarlijke 'De man die zijn haar kort liet knippen' geeft literatuurwetenschapper Lars Bernaerts in het derde nummer van de reeks 'Academisch Literair', volledig gewijd aan de creatieve kracht van taal en verbeelding en de daaruit voortvloeiende wartaal die waanzinnige ik-figuren dan doorgaans beginnen uit te slaan, ongevraagd therapeutisch advies. Hun door waanvoorstellingen aangetaste taal confronteert ons met onze aloude maatschappelijke normen rond 'gekte' en de typische grond van onze interpretaties hiervan. Met andere woorden: zijn dergelijke ik-figuren onbetrouwbaar of leveren ze juist nieuwe inzichten op? Door de retoriek van gekke vertellers te analyseren en ze vervolgens breed-wetenschappelijk uit te smeren over zo'n kleine vierhonderd pagina's waarin de p...

Neurotisch schrijfpaard Herman Brusselmans schiet weer raak!

Vandaag toch nog iets noemenswaardig meegepikt uit zogeheten kwaliteitspapier. Op de achterkant van de Standaard der Letteren schiet schrijver-columnist Herman Brusselmans de betekenis van de rubriek 'De Ingeving', waarin auteurs doorgaans vertellen op welke plekken de beste ideeën naar boven komen, spijkerhard aan flarden: "Schrijvers die zeggen dat hen maar een paar goede zinnen per dag invallen, zijn losers. Wat schiet je daarmee op? Stel dat ik een kasseilegger ben en maar één kassei per dag leg. En dan zeg: maar het is wel een goede kassei, hoor! Wat een bullshit." Van dat zelfrelativerend schrijvend grut schiet onze Vlaamse bodem veel te weinig wortels...

Omhoog met die stad, omhoog met die stad!

Naar jaarlijkse gewoonte wil ik het hier toch even hebben over de toekomende stadsorgie die vanaf aanstaande zaterdag opnieuw de straten van Gent zal onderkotsen en -poepen. Meestal doe ik dit 'stilstaan bij' aan de hand van een gedicht. In onderstaand geval situeer je de Zuid-Limburgse dichter Frans Budé best ergens ter hoogte van de Vlasmarkt, op de tiende avond aldaar. Met zijn vieze schoeisel tussen lege, plastieken bekers - die de anders gladde macadam het en masse toegestroomde, hopeloze volkje normaliter op de grond zou doen belanden - de balans van het onverstaanbare gewauwel van omstaanders opnieuw wat richting gevend. Om dan, flauwgefluisterd en tegen het ochtendgloren, in de muilen van halfvolle vuilniswagens definitief te worden gesmoord. Een jaar terug het containerpark in, tussen het brandbare en giftige stadspleinsteengruis... * Het bestaat dus echt: verward, verloren een café binnenlopen, namen opzeggen, een vrouw zijn dorst aanbieden, daarna zich onvindbaar ma...

"Hij kwam en was onmiddellijk innemend."

"Wilt gij mij het genoegen doen Zondagmiddag het dagelijksch brood met mij en de mijnen te komen gebruiken? Het zal voor die gelegenheid uit soep, vleesch en groenten bestaan." Zo ging het op 30 april 1937 in een brief van Maurice Roelants aan Maurice Gilliams . In tijden waarin schrijvers nog brieven aan elkaar stuurden, was het na een aantal keren heen en weer vaak prijs. Met spijzen en dranken werd de ene tot aan de eettafel in het schrijfhol van de andere gelokt. Soms moesten daar zelfs jaren overheen. Zoals in bovengeschreven geval. Gilliams, zonder schooldiploma en daarom niet altijd de meest zelfzekere, werd door Roelants naar Woluwe gedreven om "(...) eenige fantastische plannen te bespreken." In een voetnoot bij deze passage in het mooie, zorgvuldig samengestelde brievenboek 'Die Onvindbare heb ik bij u gezocht, Maurice... De briefwisseling tussen Maurice Gilliams en Maurice Roelants' annoteert literatuurwetenschapster Liesbeth Van Melle dat ze uit...

"Er zijn verschillende, gevaarlijke soorten van mensen, die de automobilist op zijn weg, of onderweg, kan ontmoeten."

Hoogstwaarschijnlijk bedoelde Cyriel Buysse met deze gevaarlijke mensensoort niet Georgette Leblanc, de Franse gevallen operadiva en andere bedhelft van zijn goede vriend Maurice Maeterlinck. Bijna even lyrisch als de Nevelse Snor in 1910 over de automobiel van wiel tot stuur, schreef ook zij in haar latere mémoires nogal extatisch over het eerste stalen ros van haar geliefde Maeterlinck: "Nous eûmes l'automobile de la première heure, un de ces véhicules hauts sur pattes qui semblaient courir après leur cheval.(...) Nos départs étaient triomphants. Le bruit de ferraille qui signalait notre passage attirait les voisins. On agitait des mouchoirs; les poules, qui n'avaient pas encore compris, s'affolaient devant le capot." Nog lyrischer, meestal nagenoeg bij alles van zeker slijtage dat zijn pas kruist, is fotograaf en zelfverklaard Buyssekenner Michiel Hendryckx. Op Klara doet zijn vrolijke hertocht iedere zondag in juni vanaf de noen menigeen geestig wakker worden...

IJzergrauw en konijngrijs: dwergen zijn vaak nieuwsgierig...

"Als de slaapkamer de hele dag niet gebruikt wordt kan een konijn zich ook daar eenzaam voelen. Wordt de slaapkamer overdag vaker gebruikt dan is dit een prima plaats voor een konijnenkooi.(...) Waar een konijn echter een hekel aan heeft is lawaai. Of dat nu rock, klassiek of andere muziek is, voor een konijn allemaal lawaai voor zijn gevoelige oren. Liefhebbers van luide muziek dienen dus voor het konijn een ander plaats te vinden, of een koptelefoon te gebruiken.(...) De meeste huisdieren houden ook niet van sigarettenrook. Wordt er in de woonkamer dus stevig gerookt, dan is dit ook niet de ideale plaats voor de kooi.(...) Voor de rust van het dier is het beter de kooi tegen een wand of in een hoek te zetten. Het dier voelt zich dan in de rug gedekt.(...) Het spreekt eigenlijk voor zich, maar ook een plaatsje bij de verwarming is niet aan te bevelen. Toegeven, er zijn nogal wat zaken waar men rekening mee moet houden bij het zoeken naar een plaatsje voor de kooi. Maar voor het w...

Here comes the man in black, the galaxy defender: Pierre Kemp...

Ook niet aanwezig op de 5de Nacht van de Poëzie afgelopen zaterdag in de Gentse Vooruit: de Maastrichtse dichter Pierre Kemp . Zuid-Limburgse weemoed, hemelse bekoring en reeds lang door de aardwormen afgekloven mannenvlees hielden deze 'Man in het Zwart' ook nu weer in zijn burgerlijke dichterskluis. Toen Kemps vierde, 'Stabielen en passanten', pas van de persen kwam gerold, schreef een Nederlandse criticus in staat van lichte ongerustheid: "Pierre Kemp woont te Maastricht, of daaromtrent, maar men krijgt hem nooit te zien. Hij schuwt de menschen, hij schuwt de luidheid en de litteraire relletjes, hij moet niets hebben van degenen die zoo druk betoogen dat een schrijver 'zijn tijd en deszelfs problemen' moet kennen, hij is een ingetogen man, die slechts droomen wil en de gelukkige gave bezit om in het kleine en geringe veel schoonheid te zien." Was het maar meer van dattum vandaag. Zowel in onze commerciële kunstencentra, de Nederlandstalige poëzie a...

Om te voorkomen dat de stoomketel ontploft, moet de poëzie van Coenraed De Waele eerst in een beweging worden omgezet...

Eigenlijk een bijzonder leuke, lange gedachte die bardje Coenraed De Waele zich in onderstaande regels maakt. Of daarom van een heus gedicht sprake is, valt nog te bejammeren. Nuja... het postmodernisme ligt ook al een poosje op de straatstenen... Psychiatertje Na de zoveelste halve gare in kaart te hebben gebracht, in het urinoir, bij het terugschroeven van de voorhuid en de aldus ontspannende dampen bewonderend, vroeg het psychiatertje zich gekweld af of deze stoom, samengeperst in de ketel van een speelgoedtreintje, bij machte zou zijn dat treintje zowat één centimeter aan te drijven om het aldaar op de rails gelegde borstbeeldje van Sigmund Freud tot puin te rammen. Coenraed De Waele , uit: Plankgas (1988)

Virginie Loveling kon zowel kakelen als scharrelen als een kip...

"Helaas! Vlaamschgezindheid, waar was die te vinden dan bij velen der leiders zelven, die in hun onmiddellijke omgeving zelve fransch-propaganda bevorderden gansch in tegenspraak met hun klaroengeschal op meetings en politieke bijeenkomsten. Hoe jammer het moge wezen, naar mijn bescheiden mening is ons volk door en door franskiljon, niet alleen de hooge standen, niet alleen de kleine en rijke burgerij; maar de arbeidersklas in ’t algemeen: Fransch kennen verwarren ze met geleerdheid; een andere beschaving dan degene door de Fransche taal begrijpen ze niet." Virginie Loveling, tweede van links op de foto en jongste zus van Cyriel Buysses mama, deed op maandag 17 september 1917 in haar oorlogsdagboek een giftige uitval naar de volkstribunen die wel Vlaams brulden maar dinertjes organiseerden waar het Vlaams gebannen was, tegen het soort flaminganten dat zelf zou moeten vervlaamst worden. Ook toen werd op de hoogste politieke schavotten slechts zelden het achterste van de Vlaams...

Koningen imponeren enkel door rijzige verschijningen.

Gisteren zag ik twee belhamels achter een rijdende tram lopen. Daar de volgende stop nogal veraf was, vond ik al dat pubergeloop voor niks nodig. Een tikkeltje overdreven zelfs. Tot ik in de mot kreeg wat die kleinmannen werkelijk van plan waren. Plotsklaps... hupsakee, wonderbaarlijk kleefden ze daar, als twee vliegen op een bananenrest, aan de achterbumper van het wormachtige publieke transportmiddel. Zwartrijden, maar dan zonder het comfort van een grijze passagierszetel binnenin. En in de verte hoorde ik die twee lachen met mijn eigenste velo-geploeter. Openbaar vervoer en dodenmaand deden me, daar zo gezeten en gereden aan de bovenzijde van mijn stalen ros, bij Antoni Gaudi belanden. Of iets dichter bij de deur: de goedlachse poëet Emile Verhaeren . Hadden beide heerschappen immers zelf niet ooit iets gevaarlijks gedaan met het openbaar transport? Eerder iets onoplettends dan iets bewust uitgekozen, puur voor de kick? De eerste liep er onder en de tweede greep ernaast. Ik dacht ze...

Mario Vargas Llosa en het bloedige harakiri van de st(r)aat...

Gisteren werd met de Peruviaanse schrijver Mario Vargas Llosa nog maar eens een maatschappelijk geëngageerde naam toegevoegd aan de ellenlange waslijst Nobelprijswinnaars voor de literatuur. Iets minder sociaal begeesterd, zeker wat de Vlaamse kwestie tijdens de Eerste Wereldoorlog betrof, was de pen van de in Gent geboren franskiljonse schrijver Maurice Maeterlinck . Nu ja, Franstalig. Maeterlincks vrienden beweerden dat de symbolistische auteur het Gents nochtans perfect beheerste. Wat voor de Zweedse Academie toentertijd al bijna gelijk stond aan maatschappelijk engagement. En daarom werd Maeterlinck in 1911 met de Nobelprijs bedacht. En zo kwam het dat de Franse krant Le Figaro op 2 december 1914 trots de woorden van Maeterlincks rede, gehouden naar aanleiding van het oorlogsbegin, voor een overvolle Milanese Scala publiceerde: "De Belgen hebben de Latijnsche beschaving gered. Zij bevonden zich sedert eeuwen aan den samenloop van twee machtige en vijandige beschavngen. Zij h...

Antwerpse stadsdichter blaast met zijn poëticaal verantwoorde kijk op de dingen boekvoorstelling bijkans omver...

Zondag 26 december 2004. 8,9 op de schaal van Richter. 10 kilometer onder de zeespiegel. Het eiland Sumatra. Zware vloedgolven tot wel 10 meter hoog in en rond de Golf van Bengalen. Golfsnelheden tot 900 kilometer per uur. Bij benadering 290.000 slachtoffers. Sri Lanka, Indonesië, India, Thailand, Myanmar, Bangladesh, Maleisië, de Malediven, de Seychellen en de Andamanen. De laatste drie zijn eilandengroepen. De vloedgolf zelf tippelt tot in het Afrikaanse Somalië en Tanzania. Daar vallen ook slachtoffers. Een gigantisch-treurige dag voor Aziatische en Afrikaanse kustbewoners. Donderdag 16 september 2010. Niks, tenzij in de roodpluchen zetels op het Brusselse kantoor van kamervoorzitter André Flahaut, op de schaal van Richter. Antwerpen. Twintig uur precies. Het Godshuis Cornelis Lantschot. Falconrui 47. Voorstelling van Van Loo's laatste pleegkind: 'Elsschot, Antwerpen en Coraline' . Ruwweg een honderdtal genodigden. Hevige vloedgolven in de gedaantes van Vic van de Reijt...