Dit heerlijke boekje dus, met aan de ene kant een rijkgevulde Kempense wielercarrière, met meer dan 1000 gewonnen baan- en wegwielerwedstrijden, van om en bij de twee decennia en aan de andere kant een zestienjarige langs de Wettersesteenweg, in beate bewondering voor zijn idool die in 1946 voor de tweede maal als eerste over De Ronde van Vlaanderen-eindstreep vloog. Dit heerlijke boekje dus, met aan de ene kant 'Grote Rik (Van Steenbergen)', in het echt waarschijnlijk veel liever aangesproken als 'kleine Kaers' (naar zijn grote voorbeeld Karel Kaers die in 1934 op negentienjarige leeftijd wereldkampioen op de weg werd), behept met een buitenaards recuperatievermogen en een aangeboren afkeer van extreme wielerhitte en venijnige hellingen, en aan de ander kant de scherpe, geromantiseerde wielerblik van zijn al even getalenteerde meesterknecht en collega-pistier, de latere wielerjournalist en ploegleider Fred De Bruyne. In het ogenblik waarop Rik Van Steenbergen zich in 1...