Doorgaan naar hoofdcontent

Laurent Fignon: brillende klootzak met boeken in het rennerstasje.


De immer verhaaldragende, sympathieke Rik Vanwalleghem, Vlaams verslaggevend oud-wielermonument en huidige chef van het Oudenaardse Centrum Ronde van Vlaanderen, schildert in zijn jongste tweewekelijkse De Standaard-column Kuitenbijter een over(h)eerlijk portret van de Franse wielerkampioen Laurent Fignon. Begin deze week gooide 'Le Professeur', zoals door verschillende media reeds uitvoerig bericht, zijn eeuwig brilletje voor altijd in het gras, langs de kant van de weg:
"Hij was niet mijn vriend. Professioneel had ook ik het geregeld met hem aan de stok. Te veel domme vragen wellicht. De grootste journalistieke peer bakte hij me in de Tour van 1989. Door hem niet te winnen. Op kwelnachten houdt de herinnering me nog wakker.
(...)
Fignon had niet alleen wat gestudeerd - een paar maanden universiteit - en droeg niet alleen een slim brilletje, hij las ook boeken. Een renner die meer las dan Autogids, Sex-Top en wat sportvoer. Stel je voor! Ik herinner me dat Stephen King in zijn Tourvalies zat. Dit volstond om tot intellectueel gebombardeerd te worden.
Paardenstaart, spuwen naar de camera's, schelden op idiote journalisten, schoppen naar fotografen: heerlijk. Er gebeurde iets. Dit was niet de ideale schoonzoon. Zo zijn er genoeg. Fignon was een klootzak, en dat was goed. Klootzakken zorgen voor kleur.
(...)
In de jongste Tour, toen hij nog als 'consultant' optrad voor de Franse tv, klonk Magere Hein door in zijn hese, haperende stem. Het had iets van audiovoyeurisme. Je hoorde iemand dood gaan."

Reacties

Populaire posts van deze blog

Djoos Utendoale tient le fou avec moi: verzen geschreven in de taal van de volksmens aan weerskanten van de 'schreve'.

Utendoale, uit de vallei of het dal van de West-Vlaamse bergen. Djoos, van Joris. Afkomstig van Westouter: pater Joris Declercq. Troubadours en kleinkunstenaars uit de regio zoals Antoon vander Plaetse, Gerard Vermeersch en Willem Vermandere namen Declercqs verzen in hun repertorium op. Van Boeschepe tot Cassel en van Ieper tot Ekelsbeke, de ganse Westhoek ging aan Utendoales rijmsels kapot. Vlinders zijn er hellekapellen, butterschitters of flikflodders. Averullen, mulders en roenkers worden in gangbaar Nederlands meikevers. Voetelingen, sokken. Nuus, wij. Hadden pendelaars geen files onderweg dan was het volop vroeger thuus komm'n of dan-ze peisden. De poëzie van Djoos Utendoale is geschreven in een bijzonder zingend taaltje: het Westhoeks. Over de invloed van dialecten moeten we, althans pater Joris Declercq, niet al te neerbuigend doen: "En moest Luther de bijbel in het Nederduits vertaald hebben en niet in het Hochdeutsch, de taal van zijn geboortestreek, dan sprak de he...

Simons' toonaangevende boekgeschiedenis dertig jaar na dato grondig herzien en sterk uitgebreid...

In 1984 kwam Ludo Simons , emeritus hoogleraar boek- en bibliotheekwetenschap en oud-bibliothecaris van verschillende Vlaamse culturele instellingen, voor de dag met het eerste deel van zijn studie Geschiedenis van de uitgeverij in Vlaanderen . Terwijl boekwetenschapper Simons in dit overzicht uitsluitend aandacht had voor het Vlaamse uitgeefvak in de negentiende eeuw, completeerde hij zijn omvangrijke eenmansstudie in 1987 met een tweede volume dat zich volledig toespitste op de twintigste eeuw. Vreemd genoeg was er tot dan toe in Vlaanderen op dit terrein nauwelijks enige voorstudie gedaan. Simons' titanenarbeid werd onverwijld verheven tot standaardwerk en achteraf terecht bekroond met velerlei prijzen. Op vraag van uitgeverij Lannoo is er nu deze grondig herziene en sterk uitgebreide versie van dit alom bejubelde naslagwerk dat in historische analyse en gedetailleerde volledigheid veruit onevenaarbaar is. Deze keer schenkt Simons extra aandacht aan de ontwikkeling van de boe...

"De hele Nederlandse literatuur is vergeven van deze verderfelijke mentaliteit. Jan Terlouw die Griet Op de Beeck tijdens een etentje schalks op schoot trekt. Griet die aan het kirren slaat."

De Nederlandse schrijver en politicus Jan Terlouw is overleden. Terlouw dus, tevens de halve, lezende jeugd van de meeste van mijn FB-vrienden, als ik hier zo rond me kijk. Jammer, want nu kan ik eens niet 'meedelen'. Van Jan Terlouw zelf heb ik nooit een letter gelezen, en dat wil ik het liefst houden zo. Alles de schuld van dat 'Horrortheater' van criticus, vertaler en schrijver Arie Storm , een landgenoot van eerdergenoemde, de overleden Terlouw.  "Ik dacht eraan hoe vervelend ik mannen als Jan Terlouw, Adriaan van Dis en uitgever Joost Nijsen vond. En nog steeds vind, moet ik zeggen. Dat heb ik aan mijn jeugd te danken: ik kan niet tegen achterbaks gedrag. Authenticiteit wordt op prijs gesteld. Genoemde 'heren' zijn drie mannen die het enorm achter hun ellebogen hebben. Ze zeggen dit, maar ze doen dat. En iedereen trapt erin.(...) De hele Nederlandse literatuur is vergeven van deze verderfelijke mentaliteit. Jan Terlouw die Griet Op de Beeck tijdens ee...