Doorgaan naar hoofdcontent

Posts

Eco's conférence schopte Banville linea recta in het Krauss.

Dat John Banville , één van de grootste nog levende Ierse schrijvers en meester-afkijker bij Vladimir Nabokov, beter schrijft dan vragen beantwoordt, getuigt onderstaand fragment waarin hij net het tegendeel bewijst van wat hij zelf beweert te zijn, een grenzensteller aan eigen verrassingen: "Ik verras mezelf al schrijvend nu meer dan vroeger. Ik laat de teugels los, laat dingen gebeuren. Achteraf begrijp ik soms niet wat ik geschreven heb. Op stilistisch en talig vlak ben ik dan weer meer gecontroleerd dan vroeger. Ik gebruik minder metaforen. Als je preciezer schrijft, moet je minder beroep doen op 'als'. Er is wel een grens aan de mate waarin ik mezelf verras. Als ik eerlijk ben, moet ik toegeven dat al mijn personages versies zijn van mezelf, ook de vrouwelijke. Meer nog, de vrouwen in mijn boeken lijken meer op mij dan de mannen." Over de onnoemelijke saaiheid van hedendaagse schrijvers geschreven. Nicole Krauss , bestsellerauteur, New Yorkse en halve beddenbak v...

"Op de keper beschouwd, zijn we allemaal erfgoedbewaarders."

Volgens Vlaams minister van Leefmilieu, Natuur en Cultuur Joke Schauvliege is het wezen van een museum dat van een standplaats voor kunstwerken of, zichzelf een positie zoekend in een samenleving in verandering, dat van een herberg voor dorstige bezoekers. De eerste vaststelling lijkt me, in al haar beperktheid, nogal statisch als je bedenkt dat een museumcollectie slechts leeft bij de gratie van haar toeschouwers. De tweede omschrijving daarentegen schijnt me zo te zijn weggeplukt uit de aan het papier toevertrouwde missie achter het vaak drukbezochte café horend bij datzelfde museum. In haar voorwoord bij ‘Met nieuwsgierige blik : collectievorming & aankoopbeleid in Vlaanderen’ gaat de excellentie onmiddellijk daarna verder door te wijzen op de collectie als de onvoorwaardelijke essentie van een museum. Op die manier geeft de minister in kwestie op haar beurt de definitieve aftrap voor een heerlijk vormgegeven en uitermate leesbaar boek boordevol verhelderende denkbeelden en drij...

Over dictaturen en haar hekeldichters: een reis door de tijd.

In mei 1934 liep de geheimzinnige jongling, waarover sprake in mijn voorgaande blogpost, al geruime poos in zijn veertiger jaren te paraderen. Naar aanleiding van zijn hekeldicht op Stalin, oorspronkelijk voorgelezen aan een klein groepje vrienden en bekenden onder wie zich een verrader bevond, werd hij veroordeeld tot drie jaar verbanning in Tsjerdyn, een plaatsje in de Oeral. Geestelijk en lichamelijk ging de dichter van toen af aan zienderogen achteruit. Zelf vatte hij deze periode al spottend als volgt samen: "Alleen bij ons hebben ze respect voor poëzie, alleen bij ons kun je er de doodstraf voor krijgen." Kort daarna dreven waanvoorstellingen en een mislukte val uit een ziekenhuisraam hem in handen van menige zelfmoordgedachte. Dankzij een stevig woordje van Sovjet-econoom Nikolaj Boecharin en schrijver Boris Pasternak werd 's mans tuchtmaatregel op persoonlijk bevel van het onderwerp uit zijn hekeldicht uiteindelijk ietwat versoepeld: de dichter mocht zijn plaats v...

"Moeder schepte plezier in de wortels en klanken van de Groot-Russische taal, verarmd als die was door de clichés van intellectuelen."

't Geluid, voorzichtig en gedempt, van een gevallen boomvrucht die diep in het bos de melodie van stilte even overstemt... Er lopen vandaag niet zoveel zeventienjarigen rond die het deze in Warschau geboren opgejaagde verze(ts)(n)held zouden nadoen: bijna aan het einde van de puberteit een vierregelig naar haiku ruikend gedicht schrijven dat bovendien zoveel geluid ontwaart als je eigen, nog verdere en vol ongeluk geborduurde te lopen levenswandel. In het geval levenswandelingen geborduurd kunnen worden: volgende keer meer omtrent deze mysterieuze, bovengetalenteerde jongling...

"Wat Tieltsch is, vielsch is."

Terwijl de halve redactie van Uitgeverij Lannoo na een opdracht van Roularta gewoonlijk aan een diepe middagdut begint, veroorzaken de grafici van Studio Lannoo, als reactie op hun tukkende collega's in de warme redactielokalen, meestal misselijkmakende lelijke boekcovers. Getuige daarvan: de gotische, goudgele letters op de zwarte boekomslag van het eerste deel van de geschiedenis van Vlaanderen, een vierdelige box in opdracht van de mannen op de etage boven die van Rik Van Cauwelaert, de hangende Sjah in de pluchen fauteuils van de Kanaal Z-studio's. Over het algemeen lezen mensen wat in boeken staat afgedrukt. Gelukkig maar. Alhoewel? Welke uitgever vertelde onlangs nog dat hij aan het zindelijke gevolg van zijn product, de tientallen intieme leesuren op de billen van de lezer, heel veel belang hechtte en daarom het volledige boek, inclusief omslag en letterzetting, als iets exclusief en kostbaar zag? Was dat niet ene H.P. uit het noorden van A.? Cover opengeslagen... erge...

"maar alles is te dragen/als..."

Met deze afsluitende regels uit 'Gelukkig als de goden' trapt Sapfo van Lesbos de erotische mix van poëzie en tijdreizen van het uitmuntende samenstellersduo Stassijns en Van Strijtem af. Door gebrek aan goden geen Nederlandstalige dichters in deze bloemlezing. Terecht. Want hoe goddelijker, hoe beestachtiger zoals Stassijns het in zijn inleiding zelf formuleert. Onze Noordzeelucht heeft nagenoeg nooit veel dichtende goden voortgebracht, laat staan beesten. Bloemlezers daarentegen ten overvloede. Rijkelijk bediend Noordzeegat! Waar erotiek en poëzie samen achter zitten aan te schuiven om beurtelings des lezers geest soms zachtaardig, regelmatig brutaal, te penetreren. U leest het al, van erotiek en metaforen heeft ieder beginnend schrijver wel de pen vol. Al het plezier en het verlangen worden terstond uit hun ketenen bevrijd, deuren en vensters wagenwijd open, kamers gevuld met geuren van pas gesnoeide gazonnen en in elkaar verstrengelde lichtgevende lichamen. Lang leve blo...

De voorbije week: gelezen en gehoord (25).

* "Het valt te vermoeden dat dat meer pathetiek dan werkelijkheid is geweest. Je moet tenslotte geen Molière kunnen citeren om te functioneren in een loopgraaf en ik geloof ook niet dat de Vlaamse rekruten van toen dom waren. Maar het verhaal is wel sterk en maakt de cultuur van achteruitstelling voor iedereen duidelijk. Onze held is gesneuveld omdat hij niet wist dat hij zijn kop moest intrekken! Onderschat niet wat zoiets losmaakt." (Knack Extra, 02/02/2011, Vlaams historicus Bruno De Wever over de mythe van de Franstalige Belgische legerleiding die tijdens de Eerste Wereldoorlog door onverstaanbare bevelen Vlaamse piotten massaal de dood injoeg.) * "In de kerk zit ik naast tante Henriette. Haar lippen prevelen geen gebeden en de mensen zouden kunnen denken dat zij sliep. Doch bij pozen, als de wind langs de ramen zoeft, en er worden nadien als kleine stukjes glas tegen de ruiten gestrooid, dan zie ik haar een schuwe blik om zich heen werpen. Ik doe onvoorziens een be...