Doorgaan naar hoofdcontent

Posts

Paul Lebeau en zijn schrijlings op een paard doorheen Attica galopperend levensverhaal van Xanthippe...

29 juni 1908 is Paul Lebeau , invaller voor Streuvels bij de KANTL, (veel te) veelschrijver, waaronder deze everseller uit 1959, zijn persoonlijke 'Struggle for pleasure': het schrijlings op een paard doorheen Attica galopperend levensverhaal van Xanthippe, de echtgenote van Socrates. Je vond 'm zelfs in menig DDR-boekenkast, deze Lebeau, althans zo herinner ik me die van een oom. En in Vlaanderen werden, naar 't schijnt, rijen scholieren het leesplezier ontnomen door de lotgevallen van deze voor haar kinderen zwoegende en door liefdespassie voortgedreven Xanthippe: "Als ik hem zal gevonden hebben, zal ik mij als een parasiet ingraven in zijn huid en in eonen zullen wij verenigd zijn."  29 juni 1908 is Paul Lebeau en de vraag of dit een historische, dan wel een psychologische roman betreft, moet de lezer zelf maar van tussen zijn regels zien te peuteren. In het tweede geval kan je 'm gewoon nog cancelen. Toch? In ieder geval: "Zum Wohl, lieber Paul, z...

Die keer dat vrouwlief Sofija haar Lev die ochtend gewoon te snel af was...

In 1862 trouwde Lev Tolstoj, bij leven al een beroemdheid van Messiaanse allure, met de zestien jaar jongere Sofija Behrs. Deze Moskouse dame van stand was, naast bestierster van twaalf welteverstaan, (amateur)fotografe, kunstschilderes en dagboekschrijfster ineen. Van dat laatste is naar ’t schijnt zelfs een heuse Privé-domein in omloop. Tegenwoordig haal je, onder de titelbombast 'Songs without words: the photographs and diaries of Countess Sophia Tolstoy' (NGS, 2007), een selectie van Behrs' fascinerende (familie)kiekjes voor een internetprikje zomaar in huis.  Wat opvalt in alle portretten van haar schrijvende echtgenoot is de catatoon in fotomodel Lev: typische klederdracht met lederen riem, handjes eronder, beide duimen over de band met ietsje verder hogerop twee van die priemende ogen waarachter 's werelds morele verontwaardiging verstopt. Dat ene snapshot op die meidag in 1907, met kleindochter Tanechka op schoot, niet meegerekend natuurlijk: het begin van een ...

Gontsjarov vs. Tolstoj 1 - 0: "Wanneer Oblomov zijn keukenmeid in februari naar de markt stuurt om asperges te kopen, komt ze terug met de boodschap dat er nu geen asperges te koop zijn."

Vandaag is 18 juni 1812. Vandaag is laatbloeier Ivan Gontsjarov over wiens onnavolgbare realisme vertaler Arthur Langeveld: "In 'Anna Karenina' laat Tolstoj Anna's broer Stiva midden in de winter met asperges thuiskomen. Gontsjarov maakt zo'n fout niet. Wanneer Oblomov zijn keukenmeid in februari naar de markt stuurt om asperges te kopen, komt ze terug met de boodschap dat er nu geen asperges te koop zijn." Indolentie. Liever een volmaakt gerunde keuken dan grootse avonturen. Wie kent Ilja Oblomov, de sympathieke, gecompliceerde Peterburgse nietsnut en titel van Gontsjarovs meesterwerk, geschreven tussen 1849 en 1859, niet? Oblomov dus, die op die befaamde eerste mei om acht uur 's morgens wakker wordt en er, ondanks zijn goede voornemens, helaas niet in slaagt om voor vijf uur uit bed te komen. Vijf bezoekers en twee problemen later, de huisbaas die hem de huur heeft opgezegd en de dringende noodzaak om op zijn landgoed orde op zaken te stellen, komt da...

De sound van Hölderlin, onder de onmetelijkheid van de hemel: "Zoals van ijzer mijn hemel is, zo versteend ben ik.'"

Naast Muhammad Ali sloeg 'The Greatest' ook op Friedrich Hölderlin en zijn heengaan op 7 juni 1843. Vandaag dus precies zoveel jaren her. Slauerhoff, Brahms, Hegel, Nono, Bloem, Schelling, Schumann,... Allemaal werden ze ooit aangeraakt door die typische Hölderlin-sound van 'aldoor draait het om alle denkbare tegenstellingen in een mensenleven'. Wie Hölderlin denkt, zegt eigenlijk ook de Tübinger Stift, Susette Gontard, Hyperion, geslagen door Apollo, de Neckar en de Hölderlinturm . Ongeveer halverwege dat wonderbaarlijke 'Avondfantasie', een van zijn odes uit 1799, is daar die doorn waarvoor Hölderlin-vertaler en dichter Kester Freriks volgende verklaring: "Altijd eenzaam is de dichter onder de hemel. Hij geeft zelfs een reden voor die eenzaamheid: zijn hart begeert te veel. Dát is de doorn in zijn innerlijk, 'der Stachel' die hem nooit met rust laat. In de laatste strofe roept de dichter de zoete slaap aan van de ouderdom die hem vrede zal schenk...

"Dokters(...) om dichters die zich ongesteld wanen, in behandeling te nemen."

"Probeert U maar eens dagelijks op dezelfde tijd te beginnen te dichten. Zoals er een educatie van de darm bestaat, bestaat er ook een educatie van de inspiratie. Geloof mij vrij, wij zouden in ons land best enige dokters kunnen gebruiken, om dichters die zich ongesteld wanen, in behandeling te nemen."  Zo luidde het laconieke advies van de Maastrichtse dichter Pierre Kemp aan zijn veel jongere dichtersvriend Jan Hanlo . Het is augustus 1954 en Hanlo maakte in een brief aan Kemp, tot groot ongenoegen dus van die laatste, voor de tigste keer melding van zijn 'poëtische dorheid'. Jan Hanlo zelf zou vandaag, samen met zijn waan van ongesteldheid, precies honderdentien geworden zijn. Van harte dus, beste Jan, van harte (en lees ondertussen Wiel Kusters' Kemp-biografie uit 2010)!

Vervuld van misprijzen voor de banaliteit van de wereld verschanste Huysmans' neurotische Des Esseintes zich in zijn landhuisje in Fontenay...

Hij kon als geen ander onverschillig staren naar buikige, donkergroene bierflessen, koesterde een bijzondere belangstelling voor armoedige krotbloemen die zich pas lekker gingen voelen op de vensterbank van een zolderkamertje en leefde uitsluitend 's nachts omdat hij ervan overtuigd was dat de geest slechts werkelijk geprikkeld werd en opvlamde door de nabijheid van het donker.  Ik heb het over Jean Floressas des Esseintes, hoofdfiguur uit de roman 'À Rebours' (1884) van de fransman Joris-Karl Huysmans , die vandaag, als alter ego van diezelfde Huysmans, precies honderdvijftien jaar onder de bruine kluiten ligt. Vervuld van misprijzen voor de banaliteit van de wereld verschanste de neurotische Des Esseintes zich in zijn landhuisje in Fontenay en bouwde er uiterst zorgvuldig een paradijs van oude boeken, schilderijen, siervoorwerpen, parfums en likeuren. Louter gevoed door zijn verbeelding kon hij op die manier alsnog een opwindend leven leiden. Des Esseintes, een figuur dus...

Grass, Kempowski, Bobrowski en deze Bienek: mannen van dat proza gewijd aan een verloren vaderland...

Behalve voor die befaamde verkleedpartij in het plaatselijke radiostationskantoor aan het begin van de Tweede Wereldoorlog is het Poolse Gliwice (Gleiwitz) ook verantwoordelijk voor leven en werken van de op 7 mei 1930 geboren schrijver en uitgeefredacteur Horst Bienek . Regionale noordelijke varianten van deze Bienek waren Günter Grass, Walter Kempowski en Johannes Bobrowski, ook mannen van dat proza gewijd aan een verloren vaderland. Dat van Horst Bienek, van dit kwartet, waarschijnlijk met de grootste zorg voor esthetiek. 'De eerste polka', 'Septemberlicht', 'Tijd zonder klokken', 'Aarde en vuur': de titels van zijn Gleiwitz-tetralogie, waarvan de Nederlandse variant alweer bijna een halve eeuw oud. Vier boeken waartussen dus de periode van de Duitse inval van Polen op 1 september 1939 tot die laatste oorlogsmaanden en dat gemarcheer van het Rode Leger langs de oostzijde van Duitsland, richting Berlijn: "Alle reden vom Krieg, aber ausser das wir ...