Doorgaan naar hoofdcontent

Toen de processie is uitgegaan...


26 mei

Vanmorgen, na de hoogmis, is de processie uitgegaan. Het was een lange, statig-trage stoet van lichte en schitterende kleur tussen de bevlagde huizen van het dorpje en verder langs de zachtkronkelende rivier en de stille, rijke korenvelden.
Voorop gingen maagdekens in 't wit, die bloemen droegen. Daarachter maagdekens in wit en roze, die rode en gele vanen torsten en nog verder maagdekens in wit en lila, die niets schenen te dragen. Toen kwamen de Lieve-Vrouw-meisjes in witte jurken en blauwe sjerpen met het beeld der Heilige Maagd. Daarna de mannen met het beeld van een heilige; en eindelijk meneer de pastoor in prachtkazuifel onder zijn rood-en-gouden baldakijn, met het Allerheiligste tussen zijn saâmgevouwen handen. Mannen met witte broeken en rode sjerpen droegen dat baldakijn en eerbiedig, blootshoofds, volgden de kasteelheren, de dorpsnotabelen en een groot deel der bevolking. De klokken luidden op het kerktorentje en plechtige lofzangen stegen ten hemel op.
Het was een mooi gezicht vol kleur en poëzie van op den Molenheuvel. De stoet kronkelde zacht mee met de kalme kronkelingen der rivier en tussen de hoge korenvelden was 't als een lange, bonte sleep van langzaam bewegende bloemen. Het Lieve-Vrouwe-beeld, met het Kindje op den arm, scheen zoet-gestreeld die weelde te bewonderen en het beeld van den heilige, met uitgestrekten arm, scheen de streek te zegenen.

Buysse, C., Zomerleven, 2006, Uitgeverij Atlas, p. 103

Reacties

Populaire posts van deze blog

Djoos Utendoale tient le fou avec moi: verzen geschreven in de taal van de volksmens aan weerskanten van de 'schreve'.

Utendoale, uit de vallei of het dal van de West-Vlaamse bergen. Djoos, van Joris. Afkomstig van Westouter: pater Joris Declercq. Troubadours en kleinkunstenaars uit de regio zoals Antoon vander Plaetse, Gerard Vermeersch en Willem Vermandere namen Declercqs verzen in hun repertorium op. Van Boeschepe tot Cassel en van Ieper tot Ekelsbeke, de ganse Westhoek ging aan Utendoales rijmsels kapot. Vlinders zijn er hellekapellen, butterschitters of flikflodders. Averullen, mulders en roenkers worden in gangbaar Nederlands meikevers. Voetelingen, sokken. Nuus, wij. Hadden pendelaars geen files onderweg dan was het volop vroeger thuus komm'n of dan-ze peisden. De poëzie van Djoos Utendoale is geschreven in een bijzonder zingend taaltje: het Westhoeks. Over de invloed van dialecten moeten we, althans pater Joris Declercq, niet al te neerbuigend doen: "En moest Luther de bijbel in het Nederduits vertaald hebben en niet in het Hochdeutsch, de taal van zijn geboortestreek, dan sprak de he...

"Als je een dichter bent laat je iets moois achter. Ik bedoel, het is de bedoeling dat je iets moois achterlaat als je van de bladzijde afgaat en alles."

"Eén ding weet ik wel," zei Franny. "Als je een dichter bent laat je iets moois achter. Ik bedoel, het is de bedoeling dat je iets moois achterlaat als je van de bladzijde afgaat en alles. Die lui waar jij het over hebt laten geen enkel mooi ding achter. Het enige dat de iets beteren misschien doen is min of meer binnen in je hoofd kruipen en daar iets achterlaten, maar enkel en alleen omdat ze dat doen, enkel en alleen omdat ze weten hoe ze iets moeten achterlaten hoeft dat nog geen gedicht te zijn. Het kan best zo zijn dat het niet meer is dan een of ander hoogst intrigerend grammaticaal uitwerpsel - excuseer mijn woordkeus."  Net zoals bij de Vlaamse schrijver Paul Brondeel is bij deze Franny die 'r' er eigenlijk te veel aan. Om nog maar te zwijgen over wat Nabokov, die beginregels van zijn 'Lolita' indachtig, tong- en keelklankgewijs met die dubbele 'o' uit Zooey zou aanvangen. Feit is dat deze J.D. Salinger vandaag precies vijftien jaa...

"De hele Nederlandse literatuur is vergeven van deze verderfelijke mentaliteit. Jan Terlouw die Griet Op de Beeck tijdens een etentje schalks op schoot trekt. Griet die aan het kirren slaat."

De Nederlandse schrijver en politicus Jan Terlouw is overleden. Terlouw dus, tevens de halve, lezende jeugd van de meeste van mijn FB-vrienden, als ik hier zo rond me kijk. Jammer, want nu kan ik eens niet 'meedelen'. Van Jan Terlouw zelf heb ik nooit een letter gelezen, en dat wil ik het liefst houden zo. Alles de schuld van dat 'Horrortheater' van criticus, vertaler en schrijver Arie Storm , een landgenoot van eerdergenoemde, de overleden Terlouw.  "Ik dacht eraan hoe vervelend ik mannen als Jan Terlouw, Adriaan van Dis en uitgever Joost Nijsen vond. En nog steeds vind, moet ik zeggen. Dat heb ik aan mijn jeugd te danken: ik kan niet tegen achterbaks gedrag. Authenticiteit wordt op prijs gesteld. Genoemde 'heren' zijn drie mannen die het enorm achter hun ellebogen hebben. Ze zeggen dit, maar ze doen dat. En iedereen trapt erin.(...) De hele Nederlandse literatuur is vergeven van deze verderfelijke mentaliteit. Jan Terlouw die Griet Op de Beeck tijdens ee...