Doorgaan naar hoofdcontent

"Het was mij niet gelukt je enige manieren bij te brengen, net zomin als ik je eetgewoonten had kunnen beïnvloeden."


In de verhalenbundel 'Dierenverhalen' van de onvolprezen, sombere dierenvriend L.H. Wiener eindigt 's schrijvers brief aan Kato de kraai héél zelfzuchtig liefdevol als volgt:
"In de nacht na ons afscheid sliep ik nog slechter dan niet. Sataniese sluimeringen beklemden mijn gemoed.
Liever staarde ik urenlang naar de langzaam zichtbaar wordende nokbalk die het dak van mijn huis bijeenhield. Steeds sterker beseffend dat ons leven niet alleen bestond uit een groot verlangen naar wat onbereikbaar was, zoals sommigen beweerden, en evenmin uit een groot medelijden, zoals weer anderen verkondigden, maar voornamelijk uit een alles overvleugelend en almaar groeiend schuldgevoel, gedurende de gehele tijd dat wij bestaan.
Ik ben de volgende ochtend vroeg weer teruggegaan naar het Wilgenbos om je nog te zoeken, nadat de stilte van de aanbrekende dag me bijkans wurgde, maar ik kon je niet meer vinden. Evenmin als de eendagskuikens overigens, hetgeen me niet geruster stemde.
Ik mis je erg en hoop dat je dood bent."(*)

Blindheid aan het ene oog van zijn zwarte gevleugelde en een in de lucht hangend burengerucht noopten de toen vijftigjarige schrijver L.H. Wiener tot een afscheid van kraai Kato. In een geleend kattenmandje, vanuit de kofferbak aan de rand van het Wilgenbos in de Flevopolder. Zo werd het vertrek vereeuwigd. De blindheid werd veroorzaakt na een aanval van een nachtelijke monsterkat. En het burengerucht dampte alsmaar verder aan als gevolg van Kato's voortdurende, onheilspellende geschreeuw. L.H. Wiener: "Burengerucht, het burgerlijkste van alle geruchten, waarvoor ik immer nauwgezet op mijn hoede was geweest. Verre vrienden stichten zelden onmin, maar buren vormen een voortdurende oorlogsdreiging." Volgens Jeroen Brouwers is er in de huidige Nederlandse letteren geen schrijver zo verwaarloosd als L.H. Wiener. In mijn geval alvast geen burengerucht.

(*) Uit: Wiener, L.H., Dierenverhalen, 2009, Amsterdam, Contact, p. 149-150.

Reacties

Populaire posts van deze blog

Secuur portret van Theun de Vries als halfzachte wereldverbeteraar en mateloze veelschrijver: "Het schrijven welde in mij op als het sprengwater in een beek."

Dichtbundels, hoorspelen, novellen, filmscenario's, biografieën, historische romans,… Met ruim 150 titels op zijn naam heeft de in het Friese Veenwouden geboren veelschrijver Theun de Vries , Nederlands meest argeloze revolutionair, met Revolte is leven: biografie van Theun de Vries (1907-2005) nu ook zijn eigen complete levensverhaal op papier. Rond "een van de sterkst overschatte schrijvers van ons land," zoals criticus Max Nord de veelzijdige De Vries ooit typeerde, heeft historicus Jos Perry toch maar mooi deze meeslepende en rijk geschakeerde biografie geweven. Zelfs op heel hoge leeftijd weigerde De Vries, die van zijn favoriete filosoof Spinoza leerde "het leven op aarde te veranderen en te humaniseren," zijn communisme te verzwijgen, te verloochenen of te bagatelliseren. Gezien de toenmalige situatie bleef de schrijver, ook als zeventigjarige achter zijn keuze staan. Niet abnormaal voor een man die sinds het uitbreken van de Spaanse Burgeroorlog in 19...

Djoos Utendoale tient le fou avec moi: verzen geschreven in de taal van de volksmens aan weerskanten van de 'schreve'.

Utendoale, uit de vallei of het dal van de West-Vlaamse bergen. Djoos, van Joris. Afkomstig van Westouter: pater Joris Declercq. Troubadours en kleinkunstenaars uit de regio zoals Antoon vander Plaetse, Gerard Vermeersch en Willem Vermandere namen Declercqs verzen in hun repertorium op. Van Boeschepe tot Cassel en van Ieper tot Ekelsbeke, de ganse Westhoek ging aan Utendoales rijmsels kapot. Vlinders zijn er hellekapellen, butterschitters of flikflodders. Averullen, mulders en roenkers worden in gangbaar Nederlands meikevers. Voetelingen, sokken. Nuus, wij. Hadden pendelaars geen files onderweg dan was het volop vroeger thuus komm'n of dan-ze peisden. De poëzie van Djoos Utendoale is geschreven in een bijzonder zingend taaltje: het Westhoeks. Over de invloed van dialecten moeten we, althans pater Joris Declercq, niet al te neerbuigend doen: "En moest Luther de bijbel in het Nederduits vertaald hebben en niet in het Hochdeutsch, de taal van zijn geboortestreek, dan sprak de he...

Simons' toonaangevende boekgeschiedenis dertig jaar na dato grondig herzien en sterk uitgebreid...

In 1984 kwam Ludo Simons , emeritus hoogleraar boek- en bibliotheekwetenschap en oud-bibliothecaris van verschillende Vlaamse culturele instellingen, voor de dag met het eerste deel van zijn studie Geschiedenis van de uitgeverij in Vlaanderen . Terwijl boekwetenschapper Simons in dit overzicht uitsluitend aandacht had voor het Vlaamse uitgeefvak in de negentiende eeuw, completeerde hij zijn omvangrijke eenmansstudie in 1987 met een tweede volume dat zich volledig toespitste op de twintigste eeuw. Vreemd genoeg was er tot dan toe in Vlaanderen op dit terrein nauwelijks enige voorstudie gedaan. Simons' titanenarbeid werd onverwijld verheven tot standaardwerk en achteraf terecht bekroond met velerlei prijzen. Op vraag van uitgeverij Lannoo is er nu deze grondig herziene en sterk uitgebreide versie van dit alom bejubelde naslagwerk dat in historische analyse en gedetailleerde volledigheid veruit onevenaarbaar is. Deze keer schenkt Simons extra aandacht aan de ontwikkeling van de boe...