Doorgaan naar hoofdcontent

"Maar de Walter die dat had gedaan zou niet Walter zijn geweest."


"Maar Walter, arme Walter, was er gewoon niet op gebouwd om zijn eigen gerief belangrijker te vinden dan het hare, en ze vond nooit de woorden om hem op een tedere, niet-kwetsende wijze aan zijn verstand te krijgen dat hij het daarmee alleen maar moeilijker voor haar maakte. Want hoe ze het ook bracht, het zou er altijd op neerkomen dat zij veel minder naar hem verlangde dan hij naar haar - dat begeerte en genot nu eenmaal dingen waren die ze voor zichzelf had opgegeven om een goed leven met hem te kunnen opbouwen. En hoe legde je dat uit aan de man van wie je wel degelijk hield? Walter probeerde alles wat hij maar kon om de seks beter voor haar te maken, behalve datgene wat misschien nog gewerkt zou hebben ook: ophouden met tobben over hoe hij het aangenaam voor haar kon maken en haar op een avond gewoon over de keukentafel duwen om haar eens flink van achteren te pakken. Maar de Walter die dat had gedaan zou niet Walter zijn geweest. Hij was wie hij was, en wat hij wilde was de man zijn die Patty wilde. Hij wilde wederzijdsheid! Dus had pijpen het nadeel dat hij haar daarna wilde beffen, wat alleen maar vreselijk kietelde. Uiteindelijk kreeg ze het na jaren van voorzichtig tegenstribbelen voor elkaar dat hij ermee ophield. Wat haar niet alleen een verzengend schuldgevoel gaf, maar ook woedend op zichzelf maakte omdat ze het niet eleganter had kunnen oplossen."

Ziehier de beproefde ingrediënten voor een zoutloze taart van een overheerlijk in elkaar gezakt huwelijk. Of: zo u wil, de sleutelscène uit Jonathan Franzens hysterisch-jubelend ontvangen vierde dikke. Over de schamele onzekerheid van de hemelsblauwe azuurzanger en de onbevredigde wederzijdsheid bij de ene huwelijkspartner als gevolg van een nooit gevoelde begeerte bij de andere naar die eerste. Een lange meedogenlose huwelijksketting waarmee het doorgaans bitter slaan is. Overigens, wegens bijna zeshonderd bladzijden disfunctionaliteit, later meer. Laat ik over deze ganse kwestie nu alvast een WOI-veteraan aan het woord: "Het moreel, dat is zichzelve toegeven dat men nu eenmaal niet anders kan. In zijn hoogste vorm betekent het: dit te begrijpen, te erkennen, en verder zijn mond te houden."


Vrijheid / Jonathan Franzen. – Amsterdam: Prometheus, 2010. – 588 p.

Reacties

Anoniem zei…
Een disfunctioneel huwelijk? Zijn er andere? Maar wel een héél mooi fragment.
Ik weet het niet. Na Franzens laatste ben ik er nog niet aan uit. Toch bedankt voor het compliment.

Populaire posts van deze blog

Djoos Utendoale tient le fou avec moi: verzen geschreven in de taal van de volksmens aan weerskanten van de 'schreve'.

Utendoale, uit de vallei of het dal van de West-Vlaamse bergen. Djoos, van Joris. Afkomstig van Westouter: pater Joris Declercq. Troubadours en kleinkunstenaars uit de regio zoals Antoon vander Plaetse, Gerard Vermeersch en Willem Vermandere namen Declercqs verzen in hun repertorium op. Van Boeschepe tot Cassel en van Ieper tot Ekelsbeke, de ganse Westhoek ging aan Utendoales rijmsels kapot. Vlinders zijn er hellekapellen, butterschitters of flikflodders. Averullen, mulders en roenkers worden in gangbaar Nederlands meikevers. Voetelingen, sokken. Nuus, wij. Hadden pendelaars geen files onderweg dan was het volop vroeger thuus komm'n of dan-ze peisden. De poëzie van Djoos Utendoale is geschreven in een bijzonder zingend taaltje: het Westhoeks. Over de invloed van dialecten moeten we, althans pater Joris Declercq, niet al te neerbuigend doen: "En moest Luther de bijbel in het Nederduits vertaald hebben en niet in het Hochdeutsch, de taal van zijn geboortestreek, dan sprak de he...

Simons' toonaangevende boekgeschiedenis dertig jaar na dato grondig herzien en sterk uitgebreid...

In 1984 kwam Ludo Simons , emeritus hoogleraar boek- en bibliotheekwetenschap en oud-bibliothecaris van verschillende Vlaamse culturele instellingen, voor de dag met het eerste deel van zijn studie Geschiedenis van de uitgeverij in Vlaanderen . Terwijl boekwetenschapper Simons in dit overzicht uitsluitend aandacht had voor het Vlaamse uitgeefvak in de negentiende eeuw, completeerde hij zijn omvangrijke eenmansstudie in 1987 met een tweede volume dat zich volledig toespitste op de twintigste eeuw. Vreemd genoeg was er tot dan toe in Vlaanderen op dit terrein nauwelijks enige voorstudie gedaan. Simons' titanenarbeid werd onverwijld verheven tot standaardwerk en achteraf terecht bekroond met velerlei prijzen. Op vraag van uitgeverij Lannoo is er nu deze grondig herziene en sterk uitgebreide versie van dit alom bejubelde naslagwerk dat in historische analyse en gedetailleerde volledigheid veruit onevenaarbaar is. Deze keer schenkt Simons extra aandacht aan de ontwikkeling van de boe...

"De hele Nederlandse literatuur is vergeven van deze verderfelijke mentaliteit. Jan Terlouw die Griet Op de Beeck tijdens een etentje schalks op schoot trekt. Griet die aan het kirren slaat."

De Nederlandse schrijver en politicus Jan Terlouw is overleden. Terlouw dus, tevens de halve, lezende jeugd van de meeste van mijn FB-vrienden, als ik hier zo rond me kijk. Jammer, want nu kan ik eens niet 'meedelen'. Van Jan Terlouw zelf heb ik nooit een letter gelezen, en dat wil ik het liefst houden zo. Alles de schuld van dat 'Horrortheater' van criticus, vertaler en schrijver Arie Storm , een landgenoot van eerdergenoemde, de overleden Terlouw.  "Ik dacht eraan hoe vervelend ik mannen als Jan Terlouw, Adriaan van Dis en uitgever Joost Nijsen vond. En nog steeds vind, moet ik zeggen. Dat heb ik aan mijn jeugd te danken: ik kan niet tegen achterbaks gedrag. Authenticiteit wordt op prijs gesteld. Genoemde 'heren' zijn drie mannen die het enorm achter hun ellebogen hebben. Ze zeggen dit, maar ze doen dat. En iedereen trapt erin.(...) De hele Nederlandse literatuur is vergeven van deze verderfelijke mentaliteit. Jan Terlouw die Griet Op de Beeck tijdens ee...