Doorgaan naar hoofdcontent

Een boek en dan stilletjes de nacht in, op weg naar Wapenstilstand...


Of er gelezen werd aan het front? Voorzekers. Soms hield de leeskoorts een onbekende briefschrijver-soldaat zelfs de ganse nacht uit zijn slaap. Enkel om de trekken van het vrouwelijke hoofdpersonage uit zijn anti-slaapmiddel. En zijn vrouw moest het ding eigenlijk als eerste lezen en daarna pas zijn makkers. Met wie hij toch niet al te hoog opliep. Voorlezen? Vooruit dan maar. In een van de duizenden boekenaanvragen aan het Londense secretariaat van het boekeninitiatief Het Boek van den Belgischen Soldaat ging het immers als volgt:

"Waarde Weldoeners,
Met veel moed wachtte ik reeds tegen dat een leesboekje voor mij aankwam, en ja, gister had ik het geluk een te mogen ontvangen. Welk schoone lezing, ’t is toch zoo spijtig, dat het een zoo kleintje is, een gansche nacht bleef ik wakker ten einde er den inhoud van te weten. Ik zie de trekken van dat meisje vóór mijn oogen, ook hebben mijn makkers reeds gevraagd om het te mogen lezen, maar na hun zal ik het zorgvuldig bewaren en door mijn vrouw laten lezen eens als wij terug in ons land zullen zijn. Ook zij zal er veel behagen in vinden. O, wat zoude ik dankbaar zijn mocht ik nog een zulkdanig ontvangen!"(*)

Zullen we? Morgen dan maar? Want innig dankbaar waren ze allen. Dit was tenslotte het naïeve briefje van een natuurkind, een jonge Vlaming, die een sensatieromannetje gekregen had. Proost!


(*) Buysse, C. (1917). Van een verloren zomer. Bussum, Van Dishoeck, p. 24.

Reacties

Populaire posts van deze blog

Djoos Utendoale tient le fou avec moi: verzen geschreven in de taal van de volksmens aan weerskanten van de 'schreve'.

Utendoale, uit de vallei of het dal van de West-Vlaamse bergen. Djoos, van Joris. Afkomstig van Westouter: pater Joris Declercq. Troubadours en kleinkunstenaars uit de regio zoals Antoon vander Plaetse, Gerard Vermeersch en Willem Vermandere namen Declercqs verzen in hun repertorium op. Van Boeschepe tot Cassel en van Ieper tot Ekelsbeke, de ganse Westhoek ging aan Utendoales rijmsels kapot. Vlinders zijn er hellekapellen, butterschitters of flikflodders. Averullen, mulders en roenkers worden in gangbaar Nederlands meikevers. Voetelingen, sokken. Nuus, wij. Hadden pendelaars geen files onderweg dan was het volop vroeger thuus komm'n of dan-ze peisden. De poëzie van Djoos Utendoale is geschreven in een bijzonder zingend taaltje: het Westhoeks. Over de invloed van dialecten moeten we, althans pater Joris Declercq, niet al te neerbuigend doen: "En moest Luther de bijbel in het Nederduits vertaald hebben en niet in het Hochdeutsch, de taal van zijn geboortestreek, dan sprak de he...

"Als je een dichter bent laat je iets moois achter. Ik bedoel, het is de bedoeling dat je iets moois achterlaat als je van de bladzijde afgaat en alles."

"Eén ding weet ik wel," zei Franny. "Als je een dichter bent laat je iets moois achter. Ik bedoel, het is de bedoeling dat je iets moois achterlaat als je van de bladzijde afgaat en alles. Die lui waar jij het over hebt laten geen enkel mooi ding achter. Het enige dat de iets beteren misschien doen is min of meer binnen in je hoofd kruipen en daar iets achterlaten, maar enkel en alleen omdat ze dat doen, enkel en alleen omdat ze weten hoe ze iets moeten achterlaten hoeft dat nog geen gedicht te zijn. Het kan best zo zijn dat het niet meer is dan een of ander hoogst intrigerend grammaticaal uitwerpsel - excuseer mijn woordkeus."  Net zoals bij de Vlaamse schrijver Paul Brondeel is bij deze Franny die 'r' er eigenlijk te veel aan. Om nog maar te zwijgen over wat Nabokov, die beginregels van zijn 'Lolita' indachtig, tong- en keelklankgewijs met die dubbele 'o' uit Zooey zou aanvangen. Feit is dat deze J.D. Salinger vandaag precies vijftien jaa...

"De hele Nederlandse literatuur is vergeven van deze verderfelijke mentaliteit. Jan Terlouw die Griet Op de Beeck tijdens een etentje schalks op schoot trekt. Griet die aan het kirren slaat."

De Nederlandse schrijver en politicus Jan Terlouw is overleden. Terlouw dus, tevens de halve, lezende jeugd van de meeste van mijn FB-vrienden, als ik hier zo rond me kijk. Jammer, want nu kan ik eens niet 'meedelen'. Van Jan Terlouw zelf heb ik nooit een letter gelezen, en dat wil ik het liefst houden zo. Alles de schuld van dat 'Horrortheater' van criticus, vertaler en schrijver Arie Storm , een landgenoot van eerdergenoemde, de overleden Terlouw.  "Ik dacht eraan hoe vervelend ik mannen als Jan Terlouw, Adriaan van Dis en uitgever Joost Nijsen vond. En nog steeds vind, moet ik zeggen. Dat heb ik aan mijn jeugd te danken: ik kan niet tegen achterbaks gedrag. Authenticiteit wordt op prijs gesteld. Genoemde 'heren' zijn drie mannen die het enorm achter hun ellebogen hebben. Ze zeggen dit, maar ze doen dat. En iedereen trapt erin.(...) De hele Nederlandse literatuur is vergeven van deze verderfelijke mentaliteit. Jan Terlouw die Griet Op de Beeck tijdens ee...