Doorgaan naar hoofdcontent

Wijlen Diego Armando Maradona (1960-2020) door de ogen van verschillende Laaglandse stukjesschrijvers...

Upton Sinclair, Nick Drake, George Best, Fidel Castro en Louis Verbeeck. Met dit incidentele voortreffelijke gezelschap zit het voor de op 25 november overleden voetbalhalfgod Diego Armando Maradona wat naamdag betreft alvast goed. Voorts zie ik ook toegevoegde waarde in het uitzonderlijk stel dijen waarmee de Argentijnse aanvaller dit buitengewone dodenkransje voor altijd zal verrijken. Voor de achtergebleven aardlingen zijn de dezer dagen nagelaten necrologieën in soms hijgerig vitriool, dan weer in vaak verdichte anekdotiek, legio. Wijlen Diego Maradona (1960-2020) door de ogen van verschillende Laaglandse stukjesschrijvers, een bloemlezing... 


"Trek de plussen (twee landstitels en een Europa-bekertje met Napels en een wereldtitel) af van de minnen (zijn nalatenschap is puin, zowel in het voetbal als sociaal) en je hebt de uitkomst: een af en toe geniale voetballer die eindigde als een marginale schertsfiguur verslaafd aan alles waaraan een mens verslaafd kan worden. Ter compensatie voor deze ontheiliging doe ik zijn aanbidders zijn laatste woorden cadeau toen hij in zijn Bombonera zijn Boca-fans kwam groeten: "Voetbal is de mooiste en meest gezonde sport ter wereld. Als een enkeling het verkloot, moet niet het hele voetbal betalen. Ik heb het verkloot en ik heb betaald. Pero la pelota no se mancha. Maar de bal is nooit vuil." Hij meende het ook en had tranen in de ogen, toen op 10 november 2000. Daarna heeft hij nog twintig jaar onzin uitgekraamd en de clown uitgehangen, zoals trainer worden in Culiacán, de wereldhoofdstad van cocaïne. Zijn bal was wel degelijk vuil." (Hans Vandeweghe, 'De Morgen') 

"Alsof Maradona ons een troostende spiegel voorhoudt: het is oké om menselijk te zijn, zelfs al ben je goddelijk. Zijn oude strijdmakker Jorge Valdano vertelde onlangs hoe doodstil het was in de kleedkamer voor de WK-finale van 1986 tegen Duitsland, tot Diego op zijn moeder begon te roepen omdat hij bang was. Meteen voelde iedereen zich opgelucht, want als Diego al bang was, dan was het niet zo gek dat zij dat ook waren. Prompt voelden ze zich één, ze sloegen de handen in elkaar en klopten de Mannschaft met 3-2." (Peter Mangelschots, 'Sport/Voetbalmagazine') 


"Ze waren met veel, de vrouwen in het leven van Diego Maradona, de man die zich niet alleen op het voetbalveld tot Schepper ontpopte. En met uitzondering van Cristina Sinagra, Napels-supporter van het eerste uur en moeder van de pas op late leeftijd erkende Diego Maradona Junior, doen ze wat de vrouwen aan het kruis van Christus deden: ze wentelen zich in smart, bewenen de dode. Randfiguren bij God, Maria Magdalena's bij de vleet." (Filip Joos, 'De Standaard') 

"De meeste grote voetballers zonderen zich af van hun eigen land. Cruijff, Messi, zelfs Beckenbauer (in het Oostenrijkse Kitzbühel) hebben decennialang in het buitenland gewoond. Maradona emigreerde ook, en bleef lang weg, maar hij keerde steeds terug en stierf uiteindelijk in zijn verpauperde en disfunctionele vaderland. Na zijn fatale hartaanval deed de ambulance er (althans volgens zijn advocaat) meer dan een half uur over om zijn huis te bereiken." (Simon Kuper, 'De Groene Amsterdammer')

Reacties

Populaire posts van deze blog

Djoos Utendoale tient le fou avec moi: verzen geschreven in de taal van de volksmens aan weerskanten van de 'schreve'.

Utendoale, uit de vallei of het dal van de West-Vlaamse bergen. Djoos, van Joris. Afkomstig van Westouter: pater Joris Declercq. Troubadours en kleinkunstenaars uit de regio zoals Antoon vander Plaetse, Gerard Vermeersch en Willem Vermandere namen Declercqs verzen in hun repertorium op. Van Boeschepe tot Cassel en van Ieper tot Ekelsbeke, de ganse Westhoek ging aan Utendoales rijmsels kapot. Vlinders zijn er hellekapellen, butterschitters of flikflodders. Averullen, mulders en roenkers worden in gangbaar Nederlands meikevers. Voetelingen, sokken. Nuus, wij. Hadden pendelaars geen files onderweg dan was het volop vroeger thuus komm'n of dan-ze peisden. De poëzie van Djoos Utendoale is geschreven in een bijzonder zingend taaltje: het Westhoeks. Over de invloed van dialecten moeten we, althans pater Joris Declercq, niet al te neerbuigend doen: "En moest Luther de bijbel in het Nederduits vertaald hebben en niet in het Hochdeutsch, de taal van zijn geboortestreek, dan sprak de he...

Simons' toonaangevende boekgeschiedenis dertig jaar na dato grondig herzien en sterk uitgebreid...

In 1984 kwam Ludo Simons , emeritus hoogleraar boek- en bibliotheekwetenschap en oud-bibliothecaris van verschillende Vlaamse culturele instellingen, voor de dag met het eerste deel van zijn studie Geschiedenis van de uitgeverij in Vlaanderen . Terwijl boekwetenschapper Simons in dit overzicht uitsluitend aandacht had voor het Vlaamse uitgeefvak in de negentiende eeuw, completeerde hij zijn omvangrijke eenmansstudie in 1987 met een tweede volume dat zich volledig toespitste op de twintigste eeuw. Vreemd genoeg was er tot dan toe in Vlaanderen op dit terrein nauwelijks enige voorstudie gedaan. Simons' titanenarbeid werd onverwijld verheven tot standaardwerk en achteraf terecht bekroond met velerlei prijzen. Op vraag van uitgeverij Lannoo is er nu deze grondig herziene en sterk uitgebreide versie van dit alom bejubelde naslagwerk dat in historische analyse en gedetailleerde volledigheid veruit onevenaarbaar is. Deze keer schenkt Simons extra aandacht aan de ontwikkeling van de boe...

"De hele Nederlandse literatuur is vergeven van deze verderfelijke mentaliteit. Jan Terlouw die Griet Op de Beeck tijdens een etentje schalks op schoot trekt. Griet die aan het kirren slaat."

De Nederlandse schrijver en politicus Jan Terlouw is overleden. Terlouw dus, tevens de halve, lezende jeugd van de meeste van mijn FB-vrienden, als ik hier zo rond me kijk. Jammer, want nu kan ik eens niet 'meedelen'. Van Jan Terlouw zelf heb ik nooit een letter gelezen, en dat wil ik het liefst houden zo. Alles de schuld van dat 'Horrortheater' van criticus, vertaler en schrijver Arie Storm , een landgenoot van eerdergenoemde, de overleden Terlouw.  "Ik dacht eraan hoe vervelend ik mannen als Jan Terlouw, Adriaan van Dis en uitgever Joost Nijsen vond. En nog steeds vind, moet ik zeggen. Dat heb ik aan mijn jeugd te danken: ik kan niet tegen achterbaks gedrag. Authenticiteit wordt op prijs gesteld. Genoemde 'heren' zijn drie mannen die het enorm achter hun ellebogen hebben. Ze zeggen dit, maar ze doen dat. En iedereen trapt erin.(...) De hele Nederlandse literatuur is vergeven van deze verderfelijke mentaliteit. Jan Terlouw die Griet Op de Beeck tijdens ee...