Doorgaan naar hoofdcontent

Over oorlogvoering en Marguerite Duras: "Gooi een atoombom in zee en tien minuten later heeft ze weer haar oude vorm. Water kun je niet modelleren."

"Het is een ongelooflijke luxe om de zee te kunnen zien vanaf het balkon. Als er steden worden gebombardeerd blijven er altijd puinhopen over, lijken. Gooi een atoombom in zee en tien minuten later heeft ze weer haar oude vorm. Water kun je niet modelleren." 
De derde van maart is traditiegetrouw Marguerite Duras, sedert 1996 al. De derde van maart zijn dus de immense stranden van Trouville, de al even immense Atlantische Oceaan, het balkon van Hôtel des Roches Noires en haar gesprekken met Jérôme Beaujour zoals opgetekend in dat buitengewoon intieme 'La vie matérielle' uit 1987. Met, op het kabbelen van de stappen van de ganzenpas van Duras' depressieve geliefde Yann, hier en daar van die passende hartverwarmende anekdotiek: "In Trouville koop ik kaas voor hem, en yoghurt, en boter, want als hij 's nachts laat thuiskomt stort hij zich op dat soort dingen. Hij koopt voor mij dingen die ik lekker vind, brioches en fruit. Niet zozeer om me een plezier te doen als wel om te zorgen dat ik iets binnenkrijg. Hij heeft de kinderlijke neiging om me te eten te geven zodat ik niet doodga maar hij wil ook niet dat ik dik word, die twee dingen zijn moeilijk te verenigen, en ik wil ook niet dat hij doodgaat, dat is onze genegenheid, onze liefde. 's Avonds, 's nachts gebeurt het wel dat we vrijuit praten. Tijdens die nachtelijke gesprekken zeggen we wat we op ons hart hebben, hoe vreselijk het ook is, en we lachen als vroeger toen we dronken en we nog alleen 's middags met elkaar konden praten." (vertaling: Tineke van Dijk en Rosalie Siblesz) 
Vandaag is dus die derde maart, vandaar en daarom: "Zum Wohl, liebe Marguerite, zum Wohl!"

Reacties

Populaire posts van deze blog

Djoos Utendoale tient le fou avec moi: verzen geschreven in de taal van de volksmens aan weerskanten van de 'schreve'.

Utendoale, uit de vallei of het dal van de West-Vlaamse bergen. Djoos, van Joris. Afkomstig van Westouter: pater Joris Declercq. Troubadours en kleinkunstenaars uit de regio zoals Antoon vander Plaetse, Gerard Vermeersch en Willem Vermandere namen Declercqs verzen in hun repertorium op. Van Boeschepe tot Cassel en van Ieper tot Ekelsbeke, de ganse Westhoek ging aan Utendoales rijmsels kapot. Vlinders zijn er hellekapellen, butterschitters of flikflodders. Averullen, mulders en roenkers worden in gangbaar Nederlands meikevers. Voetelingen, sokken. Nuus, wij. Hadden pendelaars geen files onderweg dan was het volop vroeger thuus komm'n of dan-ze peisden. De poëzie van Djoos Utendoale is geschreven in een bijzonder zingend taaltje: het Westhoeks. Over de invloed van dialecten moeten we, althans pater Joris Declercq, niet al te neerbuigend doen: "En moest Luther de bijbel in het Nederduits vertaald hebben en niet in het Hochdeutsch, de taal van zijn geboortestreek, dan sprak de he...

Simons' toonaangevende boekgeschiedenis dertig jaar na dato grondig herzien en sterk uitgebreid...

In 1984 kwam Ludo Simons , emeritus hoogleraar boek- en bibliotheekwetenschap en oud-bibliothecaris van verschillende Vlaamse culturele instellingen, voor de dag met het eerste deel van zijn studie Geschiedenis van de uitgeverij in Vlaanderen . Terwijl boekwetenschapper Simons in dit overzicht uitsluitend aandacht had voor het Vlaamse uitgeefvak in de negentiende eeuw, completeerde hij zijn omvangrijke eenmansstudie in 1987 met een tweede volume dat zich volledig toespitste op de twintigste eeuw. Vreemd genoeg was er tot dan toe in Vlaanderen op dit terrein nauwelijks enige voorstudie gedaan. Simons' titanenarbeid werd onverwijld verheven tot standaardwerk en achteraf terecht bekroond met velerlei prijzen. Op vraag van uitgeverij Lannoo is er nu deze grondig herziene en sterk uitgebreide versie van dit alom bejubelde naslagwerk dat in historische analyse en gedetailleerde volledigheid veruit onevenaarbaar is. Deze keer schenkt Simons extra aandacht aan de ontwikkeling van de boe...

"De hele Nederlandse literatuur is vergeven van deze verderfelijke mentaliteit. Jan Terlouw die Griet Op de Beeck tijdens een etentje schalks op schoot trekt. Griet die aan het kirren slaat."

De Nederlandse schrijver en politicus Jan Terlouw is overleden. Terlouw dus, tevens de halve, lezende jeugd van de meeste van mijn FB-vrienden, als ik hier zo rond me kijk. Jammer, want nu kan ik eens niet 'meedelen'. Van Jan Terlouw zelf heb ik nooit een letter gelezen, en dat wil ik het liefst houden zo. Alles de schuld van dat 'Horrortheater' van criticus, vertaler en schrijver Arie Storm , een landgenoot van eerdergenoemde, de overleden Terlouw.  "Ik dacht eraan hoe vervelend ik mannen als Jan Terlouw, Adriaan van Dis en uitgever Joost Nijsen vond. En nog steeds vind, moet ik zeggen. Dat heb ik aan mijn jeugd te danken: ik kan niet tegen achterbaks gedrag. Authenticiteit wordt op prijs gesteld. Genoemde 'heren' zijn drie mannen die het enorm achter hun ellebogen hebben. Ze zeggen dit, maar ze doen dat. En iedereen trapt erin.(...) De hele Nederlandse literatuur is vergeven van deze verderfelijke mentaliteit. Jan Terlouw die Griet Op de Beeck tijdens ee...