Doorgaan naar hoofdcontent

"Vroeger zag ik altijd op tegen de zondag en propte ik hem vol met werk, maar nu verheug ik me er al de hele week op."


Waarom precies deze brieven, net als haar dagboeken overigens, zo onweerstaanbaar zijn, kan ik niet zeggen. Misschien omdat de extreme 'meisjesachtigheid' ervan, met die o zo dunne, gevoelvolle lijnen erin, in de buurt van een verklaring komt. Feit is: aan de ene kant is daar Brigitte, die als schrijversrenommee in de DDR blijft, terwijl, aan de andere kant, vriendin Irmgard met d'r echtgenoot emigreert naar Nederland. En ondertussen blijven beide dames, met af en toe grote tussenpozen, dat wel, aan elkaar schrijven over allerlei verschillen tussen beide landen, maar ook over de gelijkenissen tussen bijvoorbeeld schrijven en het hebben van liefjes waar ook ter wereld. 

Het is 08 april 1967 wanneer Brigitte aan Irmgard het volgende schrijft: "(...) Daarentegen heb ik, zoals gezegd, niets interessants te melden en als ik de afgelopen weken en maanden terugkijk, heb ik het gevoel dat ik alleen maar heb geschreven, geslapen, geschreven, de enige onderbreking is de zondag, die ik altijd samen met mijn geliefde Jon doorbreng; ik heb een heuse abonnementskaart, die ik moet laten zien als ik bij hem binnenkom, en recht op middageten (hij kookt uitstekend) en koffie met chocolade-ijs en slagroom. Vroeger zag ik altijd op tegen de zondag en propte ik hem vol met werk, maar nu verheug ik me er al de hele week op." 

Elly Schippers vertaalde voortreffelijk, meer dan zelfs!

Reacties

Populaire posts van deze blog

Secuur portret van Theun de Vries als halfzachte wereldverbeteraar en mateloze veelschrijver: "Het schrijven welde in mij op als het sprengwater in een beek."

Dichtbundels, hoorspelen, novellen, filmscenario's, biografieën, historische romans,… Met ruim 150 titels op zijn naam heeft de in het Friese Veenwouden geboren veelschrijver Theun de Vries , Nederlands meest argeloze revolutionair, met Revolte is leven: biografie van Theun de Vries (1907-2005) nu ook zijn eigen complete levensverhaal op papier. Rond "een van de sterkst overschatte schrijvers van ons land," zoals criticus Max Nord de veelzijdige De Vries ooit typeerde, heeft historicus Jos Perry toch maar mooi deze meeslepende en rijk geschakeerde biografie geweven. Zelfs op heel hoge leeftijd weigerde De Vries, die van zijn favoriete filosoof Spinoza leerde "het leven op aarde te veranderen en te humaniseren," zijn communisme te verzwijgen, te verloochenen of te bagatelliseren. Gezien de toenmalige situatie bleef de schrijver, ook als zeventigjarige achter zijn keuze staan. Niet abnormaal voor een man die sinds het uitbreken van de Spaanse Burgeroorlog in 19...

Djoos Utendoale tient le fou avec moi: verzen geschreven in de taal van de volksmens aan weerskanten van de 'schreve'.

Utendoale, uit de vallei of het dal van de West-Vlaamse bergen. Djoos, van Joris. Afkomstig van Westouter: pater Joris Declercq. Troubadours en kleinkunstenaars uit de regio zoals Antoon vander Plaetse, Gerard Vermeersch en Willem Vermandere namen Declercqs verzen in hun repertorium op. Van Boeschepe tot Cassel en van Ieper tot Ekelsbeke, de ganse Westhoek ging aan Utendoales rijmsels kapot. Vlinders zijn er hellekapellen, butterschitters of flikflodders. Averullen, mulders en roenkers worden in gangbaar Nederlands meikevers. Voetelingen, sokken. Nuus, wij. Hadden pendelaars geen files onderweg dan was het volop vroeger thuus komm'n of dan-ze peisden. De poëzie van Djoos Utendoale is geschreven in een bijzonder zingend taaltje: het Westhoeks. Over de invloed van dialecten moeten we, althans pater Joris Declercq, niet al te neerbuigend doen: "En moest Luther de bijbel in het Nederduits vertaald hebben en niet in het Hochdeutsch, de taal van zijn geboortestreek, dan sprak de he...

Simons' toonaangevende boekgeschiedenis dertig jaar na dato grondig herzien en sterk uitgebreid...

In 1984 kwam Ludo Simons , emeritus hoogleraar boek- en bibliotheekwetenschap en oud-bibliothecaris van verschillende Vlaamse culturele instellingen, voor de dag met het eerste deel van zijn studie Geschiedenis van de uitgeverij in Vlaanderen . Terwijl boekwetenschapper Simons in dit overzicht uitsluitend aandacht had voor het Vlaamse uitgeefvak in de negentiende eeuw, completeerde hij zijn omvangrijke eenmansstudie in 1987 met een tweede volume dat zich volledig toespitste op de twintigste eeuw. Vreemd genoeg was er tot dan toe in Vlaanderen op dit terrein nauwelijks enige voorstudie gedaan. Simons' titanenarbeid werd onverwijld verheven tot standaardwerk en achteraf terecht bekroond met velerlei prijzen. Op vraag van uitgeverij Lannoo is er nu deze grondig herziene en sterk uitgebreide versie van dit alom bejubelde naslagwerk dat in historische analyse en gedetailleerde volledigheid veruit onevenaarbaar is. Deze keer schenkt Simons extra aandacht aan de ontwikkeling van de boe...